Een koorddanser is in mijn beleving een mooi beeld dat past bij een lerende en bij het leerproces dat daar bij hoort. Allereerst is er moed voor nodig om op dat smalle koord te stappen. Je neemt het risico je evenwicht te verliezen en eraf te vallen. Daarom is het ook verstandig voorzorgsmaatregelen te nemen en bijvoorbeeld een vangnet te laten spannen, zodat je val gebroken wordt en het niet je dood wordt. Fouten maken mag en kan dan. Het risico is een beredeneerd risico geworden. Je weet je ondanks dat risico toch veilig genoeg. Daarnaast gebruiken veel koorddansers een lange flexibele stok om hen te helpen hun evenwicht te bewaren of een parapluutje. Hulpmiddelen en hulpbronnen zijn ook bij leerprocessen aan te bevelen. Je behoeft het niet alleen en zonder middelen te doen. Als je een koorddanser over een koord ziet lopen vallen verder nog een aantal andere dingen op. Allereerst dat hij zich met kleine stapjes voort beweegt en geen grote reuze stappen zet. Ook dat is illustratief voor leren. Het gaat langzaam aan in kleine stapjes (LAKS).
De koorddanser is ook heel duidelijk gefocust op het punt waarnaar toe hij op weg is, zijn doel. Die focus houden en je niet af laten leiden is ook bij leren belangrijk. Weten waar je op uit bent, hoe dat doel eruit ziet en hoe het voelt om daar te zijn aangekomen. Een koorddanser zal niet snel naar beneden kijken, omdat dan ook de kans dat hij zijn evenwicht verliest en zal vallen groot is. Hij ziet dus niet waar hij loopt, hij voelt het. Ook daarom is voetje voor voetje vooruit gaan, rechtop blijven lopen met je zwaartepunt zoveel mogelijk boven het koord, van belang. Bij leren is de verbinding tussen verstand (het zien van het doel, daarvan een helder beeld hebben, je er iets bij voor kunnen stellen dat aantrekkelijk is en daarop focussen) en gevoel (en een goed gevoel hebben bij dat beeld) van essentieel belang. Dat zorgt ervoor dat je al je kwaliteiten, heel je wezen, inzet in plaats van een deel. De balans tussen gevoel en verstand is er echter een van steeds wisselende accenten, waarbij ieder zo zijn voorkeur heeft. Het blijft balanceren en de momenten van echte balans zijn schaars. Net zoals de koorddanser op zijn wankele koord.

Polariteiten

Verstand en gevoel lijken tegenstellingen. Zelf noem ik het liever polariteiten, schijnbare tegenstellingen. In feite zijn het kwaliteiten die elkaar nodig hebben, elkaar aanvullen. Zo spreek ik over verstandige gevoeligheid of gevoelig verstandig. Ik werk daarom ook vaak met kernkwadranten, waarbij in beeld gebracht kan worden waar de uitdaging ligt, de kwaliteit die in potentie wel aanwezig is, maar die niet of onvolledig ontwikkeld is, waardoor het doorschieten in de wel ontwikkelde kwaliteit en daardoor terecht komen in je valkuil of vervorming en het je ergeren aan de vervorming van een ander (je allergie; de kwaliteit die bij jezelf niet of onvoldoende ontwikkeld is en waarin de ander doorschiet) bijna niet te voorkomen zijn. De bewustwording van welke kwaliteit je nog te ontwikkelen hebt, met behulp van het gezamenlijk in gesprek ingevulde kernkwadrant, is een eerste noodzakelijke stap om vervolgens te gaan leren balanceren. Met andere woorden de juiste balans te vinden tussen twee schijnbaar tegengestelde kwaliteiten, die elkaar nodig hebben om als mens evenwichtiger door het leven te gaan.

"Alle goede dingen in het leven bestaan uit twee"