Competentie ontwikkeling

De zeven competenties die de Stichting Beroepskwaliteit Leerkrachten (SBL) heeft ontwikkeld in het kader van de Wet Beroepen in het Onderwijs (Wet BIO), beschrijft deze competenties naar mijn mening op een vrij hoog abstractieniveau, waardoor het lastiger wordt om te beoordelen voor de leerkracht zelf en voor anderen onder wie zijn leidinggevende, of en in welke mate en op welk niveau de betreffende leerkracht over die competenties beschikt. Naar mijn mening zijn deze beschrijvingen nog teveel op het niveau van wat ik "groot denken" noem, een idealistische beschrijving waarnaar we op weg kunnen en die we wellicht nooit helemaal zullen bereiken. Wat nodig is, volgens mij, is een vertaling in termen van "klein handelen" zodat duidelijker zichtbaar is in de praktijk van alledag of de leerkracht ook werkelijk doet wat hij zegt, zonder daarbij teveel in details te treden en zo´n grote hoeveelheid competenties te krijgen dat je door de bomen het bos niet meer ziet.

Onder een competentie versta ik een samenhangend en van elkaar afhankelijk geheel van informatie, houding en vaardigheden dat samen professioneel gedrag vertegenwoordigt dat werkt, dat het effect heeft waar je op uit bent. Daarbij maak ik een verschil tussen informatie en kennis. Informatie zijn data die betekenis hebben. En wanneer je die betekenisvolle informatie effectief hebt leren toepassen is het kennis geworden.

In veel discussies over competenties worden de verschillende termen nogal eens door elkaar en in mijn beleving oneigenlijk gebruikt. Tegenstanders van competentiegericht onderwijs beweren dan bijvoorbeeld dat er alleen maar vaardigheden worden ontwikkeld en dat kennis (volgens mij bedoelen ze feitenkennis, dus informatie) niet of onvoldoende aan bod komt. In feite kan dat eigenlijk niet, omdat je om die vaardigheden te oefenen volgens mij betekenisvolle informatie nodig hebt. Kunnen gaat niet zonder kennen en kennen is nog niet zomaar kunnen.

De werkwijze die ik heb ontwikkeld om competenties te omschrijven op het niveau van "klein handelen" gaat uit van de samenstellende delen van een competentie. En tevens maak ik daarbij gebruik van de leercurve. Daar waar mensen onbewust bekwaam zijn, met andere woorden effectief gedrag vertonen zonder dat ze daarbij behoeven na te denken, is het zaak om van die impliciete kennis (in hoofden en harten van mensen) weer expliciete kennis te maken, door hen te stimuleren bij zichzelf en anderen te rade te gaan wat ze nu precies doen en wat ze daarbij gebruiken aan informatie, houding en vaardigheden. Van onbewust bekwaam moeten ze bewust bekwaam gemaakt worden. Ik vraag hen dus na te denken en met elkaar van gedachten te wisselen welke zinvolle informatie, houding en vaardigheden zij inzetten om hun werk te doen, al brainstormend met elkaar. Daarna maken zij met dat gevonden materiaal een bouwwerk van volgens hen bij elkaar horende elementen en presenteren dat aan hun collega´s, die hen daarop bevragen en complimenteren. Vervolgens ga ik zelf aan de slag met de opbrengsten van het hele team en formuleer op basis daarvan een beperkt aantal competenties, verdeeld in een aantal thema´s. Indien gewenst onderverdeeld in de SBL competenties, zodat het als onderlegger kan fungeren en leg dat voor aan leiding en teamleden ter erkenning en herkenning. Dit geheel kan vervolgens gebruikt worden bij de ontwikkeling en beoordeling van medewerkers.